Waarom zetten we de opgebouwde pensioenen om naar de nieuwe regeling?
De sociale partners (werkgevers- en werknemersorganisaties) hebben afspraken gemaakt over de nieuwe pensioenregeling van Pensioenkring Holland Casino bij Stap. Deze nieuwe pensioenregeling is ingegaan op 1 mei 2025. Alle werknemers van Holland Casino die pensioen bij ons opbouwen doen dat vanaf 1 mei 2025 in deze nieuwe pensioenregeling. Daarnaast zijn alle tot 1 mei 2025 opgebouwde pensioenen omgezet naar de nieuwe regeling. Dit geldt ook voor de pensioenen die we uitbetalen.
In de wet staat dat de opgebouwde pensioenen en de pensioenen die we uitbetalen moeten worden omgezet naar de nieuwe pensioenregeling als dat goed is voor de (gewezen) deelnemers en pensioengerechtigden. De sociale partners vinden dat omzetten van de pensioenen naar de nieuwe regeling goed is voor de (gewezen) deelnemers en de pensioengerechtigden. Zij hebben ook afspraken gemaakt hoe het omzetten eerlijk kan gebeuren voor alle groepen deelnemers. Deze afspraken staan in het transitieplan.
De besluitvorming is als volgt tot stand gekomen: Het bestuur van Stap heeft het transitieplan zelfstandig beoordeeld en op basis daarvan een voorgenomen besluit genomen. Vervolgens heeft het belanghebbendenorgaan zijn goedkeuring gegeven, waarna ook de raad van toezicht akkoord is gegaan. Op grond van deze goedkeuringen heeft het bestuur uiteindelijk het besluit genomen om de regeling om te zetten. Alles overwegend vinden de sociale partners en het bestuur van Stap dat het omzetten van de opgebouwde pensioenen en de pensioenen die we uitbetalen naar de nieuwe pensioenregeling leidt tot een stabieler, eerlijker en begrijpelijker pensioen. Lees verder welke overwegingen zijn gemaakt.
Wat zouden de gevolgen zijn van ‘niet omzetten’?
Als de pensioenen uit de oude regeling niet omgezet worden naar de nieuwe regeling, dan ontstaan er twee pensioenregelingen. De oude pensioenregeling voor de pensioenen opgebouwd tot 1 mei 2025. En een nieuwe pensioenregeling voor de pensioenen die vanaf 1 mei 2025 worden opgebouwd. Voor de oude en nieuwe pensioenregeling gelden andere regels. Daarnaast hebben ze elk een aparte administratie. Zodra je pensioen ingaat, ontvang je pensioen uit de oude pensioenregeling en eventueel (als hierin ook pensioen is opgebouwd) een pensioen uit de nieuwe pensioenregeling.
Als we de tot 1 mei 2025 opgebouwde pensioenen achter hadden gelaten in de oude pensioenregeling, dan had dat gezorgd voor:
- een lager verwacht pensioen;
- moeilijker samen opvangen van mee- en tegenvallers;
- minder inzicht in pensioen;
- hogere kosten door de uitvoering van twee regelingen
Het geld dat achterblijft in de oude pensioenregeling moet steeds voorzichtiger worden belegd. De groep mensen voor wie het geld belegd moet worden, wordt kleiner en de mensen worden ouder. Er komen geen nieuwe deelnemers bij en ook geen nieuwe inleg. Nieuwe deelnemers starten immers in de nieuwe pensioenregeling en ook de huidige deelnemers bouwen verder op in de nieuwe pensioenregeling.
De pensioenen die achterblijven zijn naar verwachting lager dan wanneer we de pensioenen omzetten. De pensioenkring kan namelijk steeds minder risico nemen met het geld in de oude pensioenregeling en dat levert een lager rendement op. De kans dat we de pensioenen in de oude regeling kunnen verhogen wordt zo steeds kleiner. Dit zijn vooral de pensioenen van mensen die al een tijd pensioen opbouwen of zelfs al met pensioen zijn.
‘Niet omzetten’ is ook nadelig voor de pensioenen in de nieuwe pensioenregeling. Want bij de start is er veel minder geld dat belegd kan worden. En er is geen buffer om tegenvallers op te vangen, waardoor we met minder risico moeten beleggen. Gemiddeld zijn er meer goede dan slechte jaren op de beurs. Jongeren kunnen normaal gesproken risicovoller beleggen, omdat zij nog veel jaren opbouw voor de boeg hebben. Als er voorzichtig wordt belegd omdat er bijna geen vermogen is, hebben zij veel minder profijt van goede beursjaren. Zij hebben dus minder uitzicht op een goed pensioen.
Ook in de nieuwe pensioenregeling vangen we mee- en tegenvallers samen op. Als we de opgebouwde pensioenen niet omzetten, wordt dat lastig. Jongeren bouwen het grootste deel van hun pensioen op in de nieuwe pensioenregeling. Ouderen hebben het grootste deel opgebouwd in de oude pensioenregeling. Vooral hun geld blijft achter als je de pensioenen niet omzet. Daardoor is het moeilijk om samen mee- en tegenvallers op te vangen. Er ontstaan twee groepen. Je ziet dat ook bij de reserve. We mogen een reserve die bij de oude pensioenregeling hoort niet gebruiken voor de nieuwe pensioenregeling. Dat maakt degenen die een pensioen ontvangen via de nieuwe pensioenregeling kwetsbaar. De nieuwe pensioenregeling heeft immers de eerste jaren geen of een heel kleine reserve. Die nieuwe reserve moet geleidelijk opgebouwd worden. Je zou zo’n nieuwe reserve kunnen vullen via de inleg. Of met een deel van de opbrengst van de beleggingen. Maar dat betekent weer een lager verwacht pensioen voor iedereen in de nieuwe pensioenregeling.
Het is belangrijk dat je snel en makkelijk kunt zien hoe je ervoor staat. Heb je twee pensioenregelingen bij één pensioenkring of pensioenfonds? Dan is dat inzicht moeilijker. Je krijgt twee pensioenoverzichten. En het is ingewikkelder om een pensioenplan in de planner te maken als je pensioen in twee heel verschillende pensioenregelingen zit.
De keuze voor ‘niet omzetten’ houdt in dat we twee pensioenregelingen moeten uitvoeren. Twee administraties. Twee potten met geld (vermogens) beheren. En veel verschillende soorten brieven en overzichten. Technisch gezien kan het. Maar het is duur.